Home page  Contact page

NIEUWSBRIEF RAASVELD & BENNIS 3e KWARTAAL 2011

 

 In deze nieuwsbrief:

-Wijziging gedragscode hypotheken per 1 augustus 2011

-Ingangsdatum AOW naar verjaardag

-Voorontwerp Wet Verhoging pensioenleeftijd

-Hypotheekrente omhoog?

-IMF: Huizenmarkt zorgelijk, maar geen crash

-Rabo wil verplichte dure annuïteitenhypotheek

                         

Wijziging gedragscode hypotheken per 1 augustus 2011

De Gedragscode Hypothecaire Financieringen 2011 wordt per 1 augustus aanstaande aangepast. Een aantal banken werken nu al met deze nieuwe gedragscode. De aangescherpte gedragscode is van toepassing voor alle hypothecaire financieringen voor de aankoop en verbouwing van de eigen woning. De leencapaciteit op basis van het inkomen blijft grotendeels ongewijzigd. Wel kunt u bijvoorbeeld minder financieren voor een verbouwing en minder aflossingsvrij lenen! De belangrijkste wijzigingen in de gedragscode.....


I. Maximaal 110% van de marktwaarde van de woning
Bij financiering van de aankoop van een bestaande woning de hypotheek maximaal 110% van de marktwaarde van de woning mag gaan bedragen. In de praktijk is dat nu afhankelijk van de executiewaarde van de woning en kan dit praktisch gezien oplopen tot 112,5% van de waarde van de woning. Bij financiering van een nieuwe woning moeten er dus iets sneller eigen middelen worden meegenomen. De meeste aankopen kunnen echter nog steeds prima volledig worden gefinancierd.

II. Maximaal 104% van de marktwaarde van de woning bij verbouwingen

Verder geldt dat bij financieringen van verbouwingen van uw huidige woning er maximaal 104% van de marktwaarde van de woning (na verbouw) mag worden verstrekt. Dit kon op basis van de huidige regels tot 1 augustus oplopen tot maximaal zo'n 112,5% van de marktwaarde van de woning na verbouw. Dus op dit punt zijn eigen middelen bij verbouwing van uw woning sneller vereist.

Voorbeeld verbouw bestaande woning
Er is een bestaande woning.
Marktwaarde woning € 250.000,-
Huidige hypotheek € 250.000,-

Het idee is om te gaan verbouwen.
Geplande verbouwing €  50.000,-
Getaxeerde marktwaarde na verbouw € 285.000,-
Getaxeerde executiewaarde na verbouw €256.600,-

Financiering op basis van oude normen maximaal € 320.750,-
Dus op basis van de oude normen kon de hele verbouw (en meer) worden meegefinancierd
namelijk € 320.750,- maximale hypotheek -/- € 250.000,- huidige hypotheek = € 70.750,- extra financiering 
Er hoeven geen eigen middelen te worden aangewend.

Financiering op basis van nieuwe gedragscode maximaal € 296.400,-
Dus op basis van de nieuwe normen kan maximaal € 46.400,- extra worden geleend 
Er moeten dan dus € 3.600,- aan eigen middelen worden aangesproken (€ 50.000,- verbouw -/- € 46.400,- extra lening).

III. Maximaal aflossingsvrije deel is 50% van de marktwaarde van uw woning

Als u een nieuwe eigen woning koopt (starter of doorstromer) mag de maximale aflossingsvrije hypotheek maximaal 50% van de martkwaarde van de woning bedragen.

Voorbeeld maximaal aflossingsvrij deel (doorstromer)
Huidige financiering: € 175.000,- (100% aflossingsvrij)
Marktwaarde nieuw aan te kopen woning: €250.000,-.
Benodigde nieuwe hypotheek € 260.000,-.

Nieuwe norm
Maximale aflossingsvrije hypotheek €125.000,-.
Opbouw/aflossingsdeel van de hypotheek € 135.000,-.

Wat betekent dit samengevat voor u:

-In het maximumbedrag aan hypotheek wat u kunt krijgen op basis van het inkomen verandert dus niet veel.
-Bij verbouw van uw huidige woning (zonder huidige overwaarde) loopt u eerder het risico een deel van de verbouw zelf te moeten betalen.
-Indien u een nieuwe woning aankoopt, zult u er rekening mee moeten houden dat er tot maximaal 50% van de waarde van de woning aflossingsvrij mag worden geleend (alleen rente betalen). De rest van de hypotheek moet bijvoorbeeld met een spaarhypotheek worden opgebouwd of met bijvoorbeeld een annuïteitenhypotheek worden afgelost.

 

 

Ingangsdatum AOW naar verjaardag in plaats van de eerste van de maand

De dag waarop iemand voor het eerst AOW krijgt wordt verplaatst. Nu gaat de AOW in op de eerste dag van de maand waarin de pensioenleeftijd wordt bereikt. Vanaf 1 januari 2012 wordt dit de dag waarop iemand zijn pensioenleeftijd daadwerkelijk bereikt. De ministerraad heeft daarmee ingestemd op voorstel van minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Deze maatregel is onderdeel van het pakket bezuinigingen dat in het regeerakkoord is afgesproken. Hiermee wordt een besparing van ongeveer € 60 miljoen per jaar gerealiseerd. Dit betekent concreet voor u dat u maximaal een maand later AOW ontvangt. Dit is het geval als u op de laatste dag van de maand jarig bent.

 

 

Voorontwerp Wet Verhoging pensioenleeftijd

Deel Persbericht Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 21 juni 2011

Voorontwerp Wet verhoging pensioenleeftijd, extra verhoging AOW en flexibilisering ingangsdatum AOW, naar aanleiding van het Pensioenakkoord

Op 10 juni 2011 zijn het Kabinet en de sociale partners het eens geworden over de uitwerking van het Pensioenakkoord dat de sociale partners op 4 juni 2010 sloten. In het Pensioenakkoord zijn afspraken gemaakt over de toekomst van het pensioenstelsel.

AOW

De AOW wordt gekoppeld aan de levensverwachting. Daardoor wordt de AOW-leeftijd in 2020 verhoogd naar 66 jaar. De verdere verhoging van de AOW-leeftijd wordt vervolgens iedere vijf jaar volgens een vaste formule vastgesteld, voor het eerst per 1 januari 2014. Als er uit de formule een verhoging van de AOW-leeftijd volgt, dan treedt deze verhoging elf jaar later in werking. Naar verwachting zal zodoende op 1 januari 2014 worden vastgesteld dat de AOW-leeftijd in 2025 verder zal worden verhoogd naar 67 jaar.

De AOW-leeftijd wordt flexibel. Mensen kunnen zelf afwegen of ze eerder willen stoppen met werken of juist willen doorwerken. Met ingang van 2013 kunnen AOW-gerechtigden er voor kiezen om de AOW-uitkering maximaal vijf jaar uit te stellen. Uitstel levert per jaar een 6,5% hogere AOW-uitkering op. Bij het vervroegen van de AOW-leeftijd wordt de AOW gekort met 6,5% per jaar dat er eerder wordt gestopt. De AOW kan echter nooit eerder ingaan dan op leeftijd 65. Dit betekent dat vervroeging van de AOW-leeftijd pas feitelijk mogelijk wordt vanaf het moment dat de AOW in 2020 naar leeftijd 66 is verhoogd.

Uitstellen of vervroegen van de AOW-uitkering kan – steeds in treden van 10% – ook gedeeltelijk plaatsvinden. Als de verlaging (bij vervroegen) of het ontbreken (bij uitstel) van de AOW-uitkering er toe leidt dat de AOW-gerechtigde een beroep kan doen op een bijstandsuitkering of andere miminimumvoorziening, is uitstel of vervroegen niet mogelijk.

Aanvullende pensioenen

De pensioenopbouw in de tweede pijler zal al vanaf 2013 gebaseerd worden op een pensioenleeftijd van 66 jaar. Verdere verhoging van de pensioenleeftijd vindt steeds tien jaar voor de verhoging van de AOW-leeftijd plaats. In 2015 zal de pensioenleeftijd voor aanvullende pensioenen zodoende verder worden verhoogd naar leeftijd 67.

In het Pensioenakkoord is verder vastgesteld dat het risico van langer leven of tegenvallende ontwikkelingen op de financiële markten niet meer kunnen worden opgevangen met premieverhogingen. Afgesproken is dat de pensioenaanspraken en pensioenuitkeringen dan worden verlaagd. Onderzocht wordt of een dergelijke wijziging ook kan worden toegepast op de bestaande pensioenaanspraken, of dat dit alleen kan gelden voor detoekomstig op te bouwen aanspraken. In ieder geval is duidelijk dat de risico’s verschoven worden en vooral bij de werknemers komen te liggen.

De kans is groot dat de maximale opbouwpercentages voor de opbouw van het ouderdomspensioen ook nog  zullen worden verlaagd.

Lijfrenteaftrek en oudedagsreserve

In 2013 wordt het maximale premiepercentage verlaagd van 17% naar 16,5%. In 2015 wordt dit percentage verder verlaagd naar 16%.  De maximale dotatie aan de oudedagsreserve voor zelfstandig ondernemers wordt eveneens verlaagd . Voor elk jaar dat de AOW-leeftijd stijgt, wordt de maximale dotatie met 0,3% verlaagd. In 2013 wordt de maximale dotatie zodoende verlaagd naar 11,7%. In 2015 wordt dit percentage verder verlaagd naar 11,4%.

De berekening van bovenstaande verlagingen is nog indicatief en voorlopig.

Wat betekent dit samengevat voor u:
- De AOW wordt uitgesteld voor iedereen geboren op of na 01-01-1955. Als u toch niet langer wilt door wilt werken dan zult u de jaren dat u met pensioen gaat en nog geen AOW krijgt zelf moeten sparen of genoegen moeten nemen met een lagere gekorte AOW.

-U gaat sparen voor een pensioen met een latere ingangsdatum en wellicht ook voor een lager pensioen.  Als u toch op de oorspronkelijke ingangsdatum van het huidige op te bouwen pensioen wilt gaan genieten moet u een en ander zelf gaan bekostigen.

- Uw jaarruimte die benodigd is om lijfrentepremies in aftrek te brengen op uw belastbaar inkomen daalt.  Het kan zijn dat een aanpassing van uw eventuele lijfrentepolis of lijfrenterekening nodig is. Informeer hiernaar bij uw adviseur.

 

 

Hypotheekrente omhoog?

Om de stijgende inflatie in hand te houden moet de rente van leningen omhoog. Dit stelt de internationale bankenorganisatie Bank for International Settlements (BIS) in het jaarverslag dat zondag 26 juni 2011 is gepubliceerd.

Door economisch herstel en stijgende energie-en voedselprijzen ligt er een enorm inflatierisico op de loer. Ook de stijgende inflatie in Azië zou wel eens over kunnen slaan op Europa en de V.S.

Volgens het BIS moet een meerderheid van de centrale banken moet de rente omhoog doen, maar welke precies is onduidelijk. Het BIS verklaart dat de wereldeconomie nog steeds aan het herstellen is, maar waarschuwt voor een herhaling van de crisis. Verder is het hoge schuldniveau van overheden en de private sector een risico.

Stijging van de algemene rente betekend stijging van de hypotheekrente. Of wij hier op korte termijn iets van zullen gaan merken is nog afwachten.

Mocht uw huidige rentevaste periode binnenkort verlopen, dan is het verstandig rekening te houden met een stijgende rente-verwachting.

 

 

IMF: Huizenmarkt zorgelijk, maar geen crash

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) schrijft dat de Nederlandse woningmarkt niet de voortekenen vertoont van een crash, zoals een plotselinge toename van de kredietverlening of een explosieve stijging van uitgaven voor woningen. Nederland loopt in vergelijking met andere landen niet meer dan een gemiddelde kans op een woningkrach, aldus het IMF.

Toch schetst het IMF geen rooskleurig beeld. De Nederlandse woning- en hypotheekmarkten zijn relatief rustig, maar de financiële problemen van huishoudens nemen toe en de woningprijzen dalen weer geleidelijk, na een stabilisatie tussen medio 2009-2010. Ook zijn er maar weinig ontwikkelde landen waar huishoudens zich méér in de schulden steken dan in Nederland. Een huishouden heeft in ons land een gemiddelde schuld ter hoogte van 270 procent van het inkomen. Bovendien is de gemiddelde loan-to-value (de hypotheekschuld als percentage van de waarde van het vastgoed) bij nieuwe hypotheken opgelopen tot boven de 120 procent

Bron: Vastgoedmarkt

 

 

Rabo wil verplichte dure annuïteitenhypotheek

Rabo wil een verplichte annuïteitenhypotheek. Duurder, maar niet per se slechter, vindt Vereniging EigenHuis. De Rabobank heeft het geweten: toen bestuursvoorzitter Piet Moerland vorige week zijn tienpuntenplan voor een 'integrale hervorming' van de woningmarkt lanceerde - met daarin de verplichte annuïteitenhypotheek voor starters - ontmoette hij meteen een storm van kritiek.

Die kritiek betrof met name de timing van de voorstellen. Zowel het kabinet als de Vereniging Eigen Huis (VEH), de belangenorganisatie van woningbezitters, vond deze ongelukkig nu per 1 augustus al strengere regels voor het verstrekken van hypotheken van kracht worden. Dan mag nog maar maximaal 110% van de koopsom worden geleend, en moet minimaal de helft worden afgelost.

Mocht het voorstel van de Rabobank doorgang vinden dan worden nieuwe hypotheken in de toekomst behoorlijk duurder. Dit komt omdat dan niet meer optimaal gebruik kan worden gemaakt van het fiscale voordeel van de (nu nog?) aftrekbare hypotheekrente.

(Het Financieele Dagblad, zaterdag, pag. 45)

 

 
© Raasveld & Bennis 2005  |  Privacy Statement  |  Disclaimer